Van oudsher betekent wandelen in Noorwegen
het maken van meerdaagse wandelingen.
Je loopt dagenlang over een eenzame hoogvlakte,
waarbij je een enkele berg beklimt
en in hutten (of tent) overnacht. Voorbeeld: Hardangervidda.
Preikestolen.
Daarnaast komen er de laatste jaren steeds
betere mogelijkheden voor dagwandelingen.
Men begint de wandeling dan rond 10.00 uur
vanaf de geparkeerde auto en is er uiterlijk
18.00 uur weer terug.
Voorbeeld: Preikestolen.
Beide vormen hebben hun charme.
Op de eerste manier ervaar je de ruimte, stilte en onvervalste natuur.
De tweede geeft je de mogelijkheid om in korte tijd veel te zien van de enorme
verscheidenheid.
En dankzij het in Noorwegen geldende allemansrecht staan de meeste plekken
voor je open.
DUITSE WANDELGIDSEN ZIJN DE BESTE:
De meeste boeken die ik aanbeveel zijn in het Duits. De reden daarvan is dat
die
kwalitatief veel beter zijn dan de Engelse of Nederlandse. Hun wandelingen
hebben géén gevaarlijke gedeelten en het zijn de mooiste.
Nu hoeft bij dergelijke gidsjes de taal geen groot probleem te zijn.
In deze boekjes staan goede kaartfragmenten in kleur en
de belangrijkste ge-
gevens worden verduidelijkt met behulp van symbolen/pictogrammen.
Desgewenst kijk je daarna ook nog maar even in een Nederlands -, of Engels boek.
Zoals bijvoorbeeld in:
Houd wel rekening met het feit dat dit boek vertaalwerk is
van Den Norske Turistforening (DNT).
Dit is de Noorse bergsportvereniging.
In zo'n DNT-vertaling staan álle trajecten
van een
bepaald
gebied, dus:
1. óók te lange tochten
( = 8 of 9 uur zuivere looptijd ) Die kun je alleen maken als je de tent meeneemt om halverwege.ergens te
kamperen.
2. óók gevaarlijke tochten: bijvoorbeeld vanwege: • een smalle rotsrichel. • een gevaarlijk sneeuwveldje. • gevaarlijk klauterwerk.
3. óók veel sááie tochten:
Een gewaarschuwd mens telt voor twee !
Daarom twee tips:
• Neem, als je van hut naar hut loopt, tochten van 5 - 6 uur ( bij uitzondering 7).
• Vermoed je een moeilijk terreingedeelte bij een tocht, informeer dan ook ter .. plaatse bij het Turistkontor.
Weet je aanvullingen en verbeteringen van deze tekst?
Graag een e-mail naar: