GR 65Le Puy - Conques (PELGRIMSTOCHT) (Sentier vers St-Jacques-de-Compostelle via Le Puy) Le Puy-en-Velay — Conques .=. 212 km
.DE VIER KLASSIEKE AANLOOPROUTES IN FRANKRIJK
Introductie: De Via Podiensis verbindtLe Puy-en-Velaymet St. Jean Pied de Port. Ze is de mooiste (en drukste) pelgrimsroute door Zuid-Frankrijk.
Vooral het deeltraject door het zuidelijke deel van het Massif Central is prachtig.
Je loopt voortdurend tussen 1000 en 1300 m hoogte over een plateau.
Alleen
de diep ingesneden rivierdalen liggen daar meerdere honderden meters
onder.
.MASSIF CENTRAL met daarin route GR 65 . Le Puy - Conques
Er is variatie volop; je bezoekt o.a.:
• Le Puy, een door vulkanen ingesloten bisschopsstadje met .. een prachtige kathedraal.
• de Velay met haar vulkaankegels,
•
de Allier-kloof,
•
het grijze graniet van de Margeride,
•
de groene bergweiden van de Aubrac,
•
het mooie dal van de Lot en tenslotte
• Conques.
(Al deze namen staan ook in de kaart hierboven)
Mooiste deeltraject: Van Le Puy-en-Velay naar Conques.
Lengte en tijdsduur: 212 km. • Als je met een lichte dagrugzak loopt , terwijl je de hoofdbagage laat bezorgen,
kun je het traject in 10 dagen lopen (zie verderop bij Van dag tot dag). • Ga je echter met trekkingrugzak en tent dan heb je zo'n indeling niet nodig.
Je bent dan vrij in doen en laten en kunt 's avonds altijd wel een tentplek vinden.
Je hebt dan wel 4 dagen méér nodig, omdat je met
een trekkingrugzak minder kilometers per dag aflegt.
Beste periode: Juni en de eerste helft van juli.
(Mei kan nog te koud zijn. 's Zomers kan het erg warm worden met felle onweers-
buien. In de herft is het al vroeg donker.)
Moeilijkheidsgraad:middelzwaar, met enkele lange dagen.
• Je wandelt in een middelgebergte veelal tussen 1000 en 1300 meter.
• Het is regelmatig klimmen en dalen. Meestal echter nooit lang of erg steil.
• Slechts een paar keer hebben we een langdurige stijging gehad:
De eerste keer op dag2 als we uit de Allier-kloof omhoog klimmen. Je stijgt dan
400 hoogtemeters. Het is echter geen kuitenbijter, omdat je zeer geleidelijk over weggetjes naar boven loopt.
De tweede keer op dag9 als we bij Estaing uit het Lot-dal omhoog klimmen
naar
het plateau. We lopen dan in korte tijd 150 hoogtemeters door het hellingbos.
Daarbij worden een drietal haarspeldbochten in de weg afgesneden door steile voetpaadjes. Die maken zo'n wandeling behoorlijk vermoeiend.
De verdere stijging naar het plateau gaat gelukkig over langzaam stijgende asfaltwegen.
Aubrac. . Aubrac.
Routemarkering: In de bebouwde kom moet je wel eens een enkele keer zoeken naar de wit-rode markering, maar voor de verdere rest is ze erg goed. Als je de markering volgt en
de deelkaartjes leest, kom je er altijd wel uit.
De routebeschrijving in
het frans
heb je dan ook vrijwel niet nodig.
Bevoorrading: •Allimentation(levensmiddelen) vormden geen probleem. Er zijn nog voldoende
dorpjes met een klein winkeltje.
In Sauges moet je voor 2 dagen levensmiddelen
inslaan. • Eau potable (drinkwater) was bij een aantal boerderijen en huizen te verkrijgen.
Kijk telkens op je kaart naar het verloop van de route. Als je een lang stuk
krijgt
met slechts weinig boerderijen, vul dan vooraf je veldfles(sen).
Wildkamperen: geen probleem !
Pelgrimeren een hype?: Ik zette m'n tentje 1 km voorbij het dorpje Golinhac langs de pelgrimsroute.
Tussen 's morgens 7.00 en 9.30 uur kwamen daar zeker 70 wandelaars voorbij.
Ik vermoed dat er dus gedurende de hele dag enkele honderden pélerins (en randonneurs) dat punt gepasseerd zullen hebben.
En het was toen pas begin
juni, dus nog niet in de drukste maanden juli en augustus.
Zo'n druk belopen langeafstandspad heb ik nog nooit eerder meegemaakt.
Overigens erg sfeervol. Het schept een bepaalde saamhorigheid. Een aantal van
die mensen kom je zo nu en dan tegen en er wordt dan gemakkelijk een praatje gemaakt.
Eindbeoordeling: Een echte top trail en dat niet alleen voor "pélerins", óók voor "randonneurs".
1. Le Puy― St Privat d’Allier .. (22 km).. (Over de Velay)
- We klimmen vanuit Le Puy (dit ligt op iets meer dan 600 m boven zeeniveau) . uit het dal omhoog naar 750 m. Daarna loop je erg geleidelijk naar de 1200 m . hoogte
op het kalkplateau.
- Vanwege de Kalksteen zijn er weinig beekjes en die zijn hier in dit landbouw- . gebied al helemaal onbruikbaar als drinkwater. Vul dus je veldfles als je in . Le
Puy vertrekt.
- Je zult merken, dat de rode lijn op de deelkaartjes niet overal overeenstemt . met de route in het terrein. Soms maken we een haakse bocht in het terrein . die op
de kaartjes niet ingetekend is. Volg dan goed de markering in het . terrein.
- We passeren gehuchtjes als La Roche. Het is mooi gelegen op de bovenrand . van een diep ingesneden dalletje. Het beekje onderin zullen we verderop . oversteken. De huizen hebben er muren van zwarte bazaltstenen.
- We wandelen hier op ongeveer 900 tot 1100 m boven zeeniveau.
-
De percelen
zijn omheind met stapelmuurtjes. Het merendeel is ingestort en . niet meer onderhouden. Daardoor heeft men bij beweiding er een draad . boven gespannen.
In de "muurtjes" groeien struiken als: Eenstijlige . meidoorn, Sleedoorn, Hondsroos, Gewone vlier en Hazelaar. Daarnaast een . enkele boom:
de Gewone es.
- Regelmatig hoor je de Veldleeuwerik.
-
We steken een waterscheiding over naar St. Privat. Dit dorp zit hoog boven
. de Allier-kloof.
Le Puy-en-Velay.Rechts het reusachtige Mariabeeld op een enorme basaltrots.
2. St Privat d’Allier ― Saugues .. (18 km) ..(De Allier-kloof)
- Het plateau ligt hier op ongeveer 1000 m hoogte De Allier-rivier op 600 m.
. We gebruiken dan ook bijna de hele dag om dit diep ingesneden dal over te . steken.
- Aanvankelijk lopen we horizontaal naar Rochegude, waar de Saint Jacques- . kapel de Allier-pas domineert. Dit geeft mooie uitzichten.
- We dalen af naar de rivier bij Monistrol (Romaanse kerk) en klimmen aan de . andere zijde weer omhoog. Hier zien we enkele heel opvallende geologische . formaties. De onderste bestaat uit prismatische zuilen. Deze zijn ontstaan . doordat in de gestolde bazaltstroom scheuren zijn ontstaan met een zeer . regelmatig patroon.
- De klim omhoog van 400 hoogtemeters is géén kuitenbijter. Ze gaat namelijk . niet over steile paadjes, maar zeer geleidelijk over landweggetjes omhoog.
-
Daarna
voeren gemakkelijke weggetjes op ongeveer 1000 m hoogte ons naar . Sauges.
3. Saugues ― les Faux..(25 km) ..(Over de Margeride)
- Het is een lange, maar niet moeilijke wandeling.
-
We zien dennenbos, bremstruweel en graslanden omheind met grijze gra- . nietblokken als palen. Hierover spant men dan een prikkeldraadje. . Ook de huizen zijn er gemetseld van grijze granietblokken.
- In Pinet zien we een oude toren. Het is een overblijfsel
van een twaalfde . eeuws kasteel.
-
Verderop komen we door Clauze.
- Doordat zich in dit gebied graniet bevindt (ondoorlatend!), hoor je overal het . water stromen in de slootjes langs de weggetjes.
- We stijgen langzaam van 1000 m naar een pas op 1300 m. Aan weerszijden . van die pas zijn er zelfs ruggen van 1450 m hoog.
- Bij de pas lopen we door een veeweidebos. Dat is een bos dat met vee be- . weid wordt. Dat zie je ook nog wel in bijv. de Jura en Noorwegen.
- Verder gaat het naar Les Faux.
4. Les Faux ― Aumont-Aubrac .. (19 km) ..(Door het Limagnole-dal)
- We passeren het dorpje St. Alban sur Sigmanole met zijn Romaanse kerk . (elfde eeuw).
-
We klimmen weer omhoog op het Margeride-plateau.
- Vlak voor Chabanes Planes zien we opnieuw een veeweidebos. Het is een . heel open bos van Grove den en een struiklaag van Brem, Jeneverbes en . Hondsroos.
- Iets verderop hebben we 'n mooi uitzicht over St Alban en het
Limagnoledal.
- We dalen tenslotte af naar het stadje Aumont-Aubrac.
Nabij Le Pinet.
5. Aumont-Aubrac — Nasbinals. (26 km) .(Vulkaanlandschap van de.Aubrac)
- We verlaten het stadje met zijn 16-de en 17-de eeuwse huizen. .........
- We zien een lappendeken van grasland (gemaaid en beweid), daarnaast bos . en veeweidebos.
Overal waar de bodem dun is, heb je bos of veeweidebos. . Dat is vooral op de toppen en de steilere hellingen het geval. Waar een . dikkere bodem is, heb je beweid grasland. Als machines het kunnen bewer- . ken, wordt het ook gemaaid.
- Na het passeren van het dorpje La Chaze beginnen we het grote en verlaten . Aubrac-plateau over te steken. De golvende heuvels waren eens bebost; nu . is
het weidegebied. We passeren wat boerderijen gemaakt van graniet, . evenals
de oude bruggen.
- De weilanden zijn omzoomd door lage muurtjes.
-
Overal zie je Aubrac-runderen. Het is een zeer oud Frans ras dat wordt ge- . bruikt voor rundvlees.
Veeweidebos bij Domaine du Sauvage.
6. Nasbinals— St-Chely-d’Aubrac .. (17 km) ..(Uitzichtrijke afdaling)
- Deze dag is één van de landschappelijke hoogtepunten.
- De eerste helft lopen we over een zwak glooiend landschap met weilanden. . Alleen op de gedeelten met dunne bodem (topjes en steilere hellingen) . beukenbos of een kleine naaldhoutplantage. We bereiken ongeveer 1350 m . hoogte.
- Het laatste stuk naar het transhumance centrum Aubrac lopen we over een . oude veedrift.
-
In Aubrac zien we een kerk uit de 13-de eeuw
en de Tour des Anglais.
- Verderop passeren we de ruïne van het Belvezet-kasteel en komen tenslotte . in
het aardige St-Chely.
7. St-Chely-d’Aubrac ― St-Côme-d'Olt . (16 km) (Bossen, weiden en koeien)
- We lopen door een hellingbos met beuken. We volgen daarbij precies de . hoogtelijn.
-
We komen uit op een open rug, waarna we afdalen door kastanjebos . (Tamme kastanje) naar St-Côme-d'Olt.
- Dit mooie stadje heeft nog middeleeuwse poorten en een gedraaide toren- . spits.
- Vroeger werd de Lot Olt genoemd. Vandaar de naam St-Côme-d'Olt.
- Het rivierdal is vruchtbaar. Hier geen weideland, maar akkerbouw en tuin- . bouw.
8. St-Côme-d'Olt ―Estaing (17 km) (Langs de rivier de Lot)
- We lopen naar Espalion, eveneens de moeite waard.
-
Verderop passeren we de kleine kapel in Bessuejouls.
-
We klimmen omhoog door eikenbos naar een rug. Daarboven hebben we . mooie uitzichten over het Lot-dal.
-
Vlak voor het kasteel dalen we af via een mooi hol paadje. Het is bijna . dichtgegroeid met allerlei soorten struiken o.a. Palmboompje.
Het is er wel . tamelijk glad.
-
Na enkele km's bereiken we het prachtige Estaing met zijn kasteel.
Espalion.
9. Estaing ― Espeyrac .. (25 km)..(Op de hoogvlakte boven de Lot) - Na een korte wandeling langs de rivier klimmen we 150 hoogtemeters . omhoog door het hellingbos. Daarbij worden een drietal haarspeldbochten . in
de weg afgesneden door steile voetpaadjes. Die maken de wandeling . behoorlijk vermoeiend.
-
Daarna stijgen we nogeens 150 hoogtemeters, maar die gaan goed gelei- . delijk
over een asfaltweg.
- We wandelen door mooie gemengde loofbossen. Een verademing ten op- . zichte van de naaldhoutplantages in Nederland en Duitsland.
-
We passeren het mooie dorpje Golinhac en enkele gehuchtjes.
-
Hier en daar zijn mooie uitzichten over de hoogvlakte en in het dal.
10. Espeyrac ―Conques ..(13 km) .. (Conques)
- Een korte wandeldag, waarbij we Senergues (met kasteel) passeren.
- Tenslotte dalen we af langs een glibberig pad naar Conques. . Het ligt zeer idyllisch op de beboste steile helling. Het heeft vakwerkhuisjes . en
is gebouwd rond een Romaanse abdij. Het is één van de mooiste stadjes . in
Frankrijk en dus ook bomvol toeristen.
Conques.
Leesboek en wandelgidsen:
Walking in France; .... Exploring France's Great towns and finest .... Landscapes
on Foot .... Gillian and John Souter .... (Chastleton Travel)
....Een must voor je wandelbiebje ! .... Maak van het hoofdstukje A Pilgrimage, .... blz. 184 t/m 193
een vergrote kopie (130 % ) en .... neem
die mee in plaats van het boek.